In het centrum van Zwolle realiseerden we recent een grootschalig renovatieproject aan de Schuttevaerkade: een appartementencomplex waarin alle individuele cv‑ketels zijn vernieuwd en aangesloten op één collectief rookgaskanaal. Een technisch uitdagend project, uitgevoerd in een bestaand gebouw met beperkte ruimte en bewoonde appartementen. En een collectieve infrastructuur die aan nieuwe wet- en regelgeving moest voldoen. Het project laat zien hoe een integrale aanpak – van advies en engineering tot uitvoering en bewonersbegeleiding – leidt tot een veilige, toekomstbestendige installatie voor complexen met meerdere woningen.
Het complex aan de Schuttevaerkade bestaat uit 28 appartementen en is begin jaren ’90 gebouwd. Oorspronkelijk had elke woning een eigen cv‑ketel, aangesloten op een collectief rookgaskanaal. In de loop der jaren zijn individuele ketels vervangen, vaak door verschillende merken en types, terwijl het rookgaskanaal grotendeels onveranderd bleef. Die situatie functioneerde lange tijd prima, maar voldeed niet langer aan de aangescherpte wetgeving rondom rookgaskanalen en veiligheid. Met name bij gebouwen waar meerdere ketels zijn aangesloten op één afvoer (CLV‑systemen) gelden tegenwoordig strengere eisen. Tegelijkertijd was het rookgaskanaal inmiddels ruim dertig jaar oud. Voor de eigenaar van het gebouw – in dit geval vertegenwoordigd via een VvE – betekende dit dat een collectieve oplossing noodzakelijk was. Voor Breman was het een herkenbare opgave: hoe vernieuw je installaties in een bestaand, bewoond complex, met minimale overlast en maximale zekerheid voor de lange termijn?
De gekozen oplossing was een integrale renovatie:
- Vervanging van alle cv‑ketels door één uniform type.
- Renovatie van het volledige rookgaskanaal.
- Een strakke, gefaseerde planning per ‘strang’ (verticale rij appartementen).
Cruciaal daarbij was het uitgangspunt om geen losse onderdelen aan te pakken, maar het gehele systeem. Alleen zo zijn de veiligheid en de werking van een collectief rookgaskanaal te garanderen. Breman Kanaaltechniek verzorgde het ontwerp en de vervanging van het rookgaskanaal. De nieuwe oplossing bestaat uit een gerenoveerd CLV‑systeem waarbij de bestaande schacht behouden bleef, maar intern volledig is vernieuwd. Via een buis‑in‑buisconstructie wordt rookgas veilig afgevoerd, terwijl luchttoevoer gescheiden blijft.
Binnen dit type appartementsgebouw zijn verantwoordelijkheden helder gescheiden. De individuele installaties in de woningen vallen onder verantwoordelijkheid van de eigenaren, terwijl het collectieve rookgasafvoersysteem onderdeel is van het gebouwgebonden beheer. De investering in dit collectieve systeem wordt gedragen vanuit de gezamenlijke bijdragen die worden gereserveerd voor onderhoud en renovatie van het complex.
Een van de grootste technische uitdagingen in dit project was de beschikbare ruimte. De bestaande schachten liepen door dragende wanden en krappe installatieschachten. Openbreken van muren of grootschalige bouwkundige ingrepen was geen wenselijke optie, zeker niet in een bewoond complex. Daarom deden we uitgebreid onderzoek in de voorbereidingsfase. Op basis van bouwtekeningen, eerdere inspecties en gerichte woningopnames stelden we vast waar we het nieuwe systeem in konden passen zonder onnodige schade of risico’s. Waar nodig stemden we vooraf goed af met gespecialiseerde boor- of herstelbedrijven, om verrassingen tijdens de uitvoering tot een minimum te beperken. Deze zorgvuldige voorbereiding maakte het mogelijk om de werkzaamheden per strang in korte tijd uit te voeren: demonteren, renoveren en opnieuw aansluiten gebeurde als een aaneengesloten ‘treintje’.
Voor bewoners en eigenaren is overlast vaak de grootste zorg bij dit soort renovaties. Daarom stemden we de planning af op korte doorlooptijden per woning. Bewoners hoefden slechts enkele dagen beschikbaar te zijn, in plaats van verspreide werkzaamheden over meerdere weken. Ook communicatie speelde een belangrijke rol. Er was één vaste contactpersoon vanuit Breman, die het gehele traject overzag: van voorbereiding en planning tot uitvoering en nazorg. Dit zorgde voor rust, overzicht en duidelijke verwachtingen bij alle betrokkenen. Voor grotere gebouweigenaren en woningcorporaties is dit een essentieel aspect: een integraal project staat of valt niet alleen met techniek, maar ook met procesbeheersing.
Een belangrijk onderdeel van de oplossing was het besluit om alle appartementen uit te rusten met hetzelfde type cv‑ketel. Dat is soms een gevoelig onderwerp, zeker in bestaande complexen waarin installaties door de jaren heen per woning zijn vervangen. Toch is uniformiteit bij collectieve rookgaskanalen geen luxe, maar een voorwaarde.
Door te standaardiseren:
- is het systeem technisch beter te ontwerpen en te berekenen;
- worden onderhoud en inspectie eenvoudiger;
- ontstaat een robuuste installatie die klaar is voor toekomstige aanpassingen of verduurzaming.
Voor eigenaren betekent dit voorspelbare prestaties en lagere risico’s op de lange termijn.
Cv-ketels die redelijk recent vervangen zijn, sluiten we aan op het nieuwe kanaal als deze daarvoor geschikt zijn en voldoen aan de geldende eisen. Soms zijn daarvoor aanpassingen nodig; die bespreken we met de gebouweigenaar en betrokken partijen en nemen we op in de projectafspraken en offertes. Als een cv-ketel niet geschikt is en ook niet op een nieuw kanaal kan worden aangesloten, blijft deze vaak achter bij de eigenaar voor hergebruik op een ander adres. Alle andere oude cv-ketels worden afgevoerd naar het oud ijzer, waarna materialen worden gerecycled.
Hoewel dit project primair was gericht op veiligheid en wetgeving, hielden we bij het ontwerp nadrukkelijk rekening met toekomstbestendigheid. Het vernieuwde rookgaskanaal en uniforme ketelopstelling bieden daardoor een stabiele basis voor verdere stappen. Denk aan hybride oplossingen of andere vormen van verduurzaming per woning, binnen de technische randvoorwaarden van het gebouw. Juist in bestaande bouw is die balans belangrijk: voldoen aan de huidige eisen, zonder toekomstige opties uit te sluiten.
Het project aan de Schuttevaerkade is representatief voor veel appartementencomplexen in Nederland: gebouwd in de jaren ’80 en ’90, individueel beheerde installaties, maar met een collectieve infrastructuur. Voor gebouweigenaren, woningcorporaties en vastgoedbeheerders die voor vergelijkbare keuzes staan, laat dit project zien dat een integrale aanpak loont. En met technische expertise, zorgvuldige voorbereiding en heldere regie kunnen we ook in complexe, bewoonde gebouwen een veilige en toekomstbestendige verwarmingsoplossing realiseren.